Wat is onderpresteren?
Onderpresteren betekent dat een kind minder laat zien dan je op basis van zijn of haar mogelijkheden zou verwachten (Reis & McCoach, 2000). Dat hoeft niet alleen zichtbaar te zijn in schoolresultaten. Ook motivatie, betrokkenheid, zelfvertrouwen en plezier in leren kunnen afnemen (Rimm, 2008).
Bij hoogbegaafde kinderen ontstaat onderpresteren meestal niet door luiheid of onwil. Vaak is het een signaal dat een kind te weinig uitdaging ervaart of onvoldoende aansluiting voelt bij de omgeving (Van Gerven, 2018). Sommige kinderen blijven ondertussen nog wel goede cijfers halen, maar leren weinig nieuwe vaardigheden meer of vermijden inspanning en uitdaging (Mooij, 2013).
Hoe herken je onderpresteren?
Onderpresteren kan er bij ieder kind anders uitzien. Een kind kan bijvoorbeeld zeggen dat school saai is, weinig motivatie tonen of snel klaar zijn met opdrachten. Andere kinderen vermijden moeilijke taken, raken gefrustreerd als iets niet direct lukt of ontwikkelen perfectionisme en faalangst.
Soms zijn er ook signalen zoals vermoeidheid, overprikkeling, boosheid of terugtrekgedrag. Op langere termijn kan het zelfvertrouwen afnemen, vooral wanneer een kind weinig ervaring heeft opgedaan met oefenen, fouten maken of doorzetten.
Waarom is vroege herkenning belangrijk?
Wanneer onderpresteren langere tijd aanhoudt, kan dit invloed hebben op het welzijn, de motivatie en het zelfbeeld van een kind (Reis & McCoach, 2000). Daarom is het belangrijk om niet alleen naar prestaties te kijken, maar ook naar hoe een kind zich voelt en ontwikkelt.
Recent onderzoek laat zien dat hoogbegaafde kinderen meer risico lopen op motivatieverlies en een negatieve schoolbeleving wanneer zij langdurig onvoldoende cognitieve uitdaging ervaren (Snyder & Wormington, 2020; Steenbergen-Hu et al., 2020).
Wat kan helpen?
Passende begeleiding richt zich vaak op meer uitdaging, ruimte voor autonomie en het herstellen van motivatie en zelfvertrouwen (Van Gerven, 2018). Daarnaast helpt het wanneer een kind leert omgaan met fouten en ontdekt dat inspanning nodig mag zijn.
Een veilige en begripvolle omgeving speelt hierbij een belangrijke rol. Het doel is niet dat een kind “meer gaat presteren”, maar dat er weer ruimte ontstaat voor ontwikkeling, nieuwsgierigheid en plezier in leren.
Meer lezen
Betrouwbare websites
Bronnen
- Mooij, T. (2013). Hoogbegaafdheid en de ontwikkeling van excellentie. Radboud Universiteit Nijmegen.
- Reis, S. M., & McCoach, D. B. (2000). The underachievement of gifted students: What do we know and where do we go? Gifted Child Quarterly, 44(3), 152–170.
- Rimm, S. (2008). Why bright kids get poor grades and what you can do about it. Great Potential Press.
- Snyder, K. E., & Wormington, S. V. (2020). Underachievement among gifted students: The role of motivation and engagement. Psychology in the Schools, 57(12), 1897–1915.
- Steenbergen-Hu, S., Olszewski-Kubilius, P., & Calvert, E. (2020). The role of school climate in gifted students’ academic outcomes and well-being. Gifted Child Quarterly, 64(1), 19–34.
- Van Gerven, E. (2018). Handboek hoogbegaafdheid. Koninklijke Van Gorcum.
